toelatingsvoorwaarden 2017-2018

  • muziek vanaf geboortejaar 2009
  • woord vanaf geboortejaar 2009
  • dans vanaf geboortejaar 2011
  • kinderconservatorium en vioolinitiatie vanaf geboortejaar 2011

belangrijk:

  • de leerling dient bij de inschrijving in het bezit te zijn van zijn/haar kids-ID| of  zijn/haar rijksregisternummer;
  • de inschrijving is geldig na betaling van het inschrijvingsgeld;
  • telefonische inschrijvingen worden niet aangenomen
  • Nieuwe leerling? En afkomstig van een andere academie dan dient u uw attesten van gevolgde studies | historiek bij te hebben voor de inschrijving

inschrijvingsgelden 2017-2018

  • 75 €   |  studenten geboren tussen °2011 tem °2000
  • 52 €   |  studenten geboren tussen °2011 tem °2000 | voor een 2de inschrijving uit hetzelfde gezin en voor sociale correcties.
  • 139 € |  studenten geboren tussen °1999 tem °1993
  • 317 € |  studenten geboren vanaf   °1992 tem °1900
  • 139 € |  studenten geboren vanaf   °1992 tem °1900  | met een attest dat recht geeft op vermindering ( zie recht op verminderd inschrijivngsgeld)

De tarieven zijn inclusief tussenkomst in de werkingskosten en de auteursrechten - deze toeslag wordt per leerling per optie aangerekend. 

opleidingscheques

Sinds 1 augustus 2010 zijn de gebruiksvoorwaarden voor opleidingscheques voor werknemers veranderd. Raadpleeg voor meer informatie de website van VDAB.

Opleidingscheques kunnen enkel nog voor loopbaanbegeleiding of voor opleidingen die erkend zijn in het kader van betaald educatief verlof, of - deel uitmaken van een persoonlijk ontwikkelingsplan in het kader van loopbaanbegeleiding.

attesten voor een verminderd inschrijvingsgeld

Attesten voor een verminderd inschrijvingsgeld

6.2.2.  Attesten voor een verminderd inschrijvingsgeld

6.2.2.1. Algemeen

Artikel 100quater van het Onderwijsdecreet-II bevat de rechtsgrond voor de attestering. Alle verminderde tarieven worden gestaafd met een attest of document dat de geldigheid voor de korting bewijst in de maand september van het schooljaar waarvoor de korting wordt aangevraagd. De grenzen zijn vastgesteld op 1 en 30 september. Dat betekent dat als een leerling bijvoorbeeld op 1 september nog werkloos is, vermindering toegestaan wordt. Als anderzijds een leerling pas werkloos wordt op 30 september, geldt ook dan een verminderd tarief.

6.2.2.2. Uitkeringsgerechtigde werklozen

Inzake werkloosheid aanvaardt de verificatie:

  • voor een inwoner van het Vlaams gewest: een attest afgeleverd door VDAB of RVA waaruit blijkt dat zij/hij uitkeringsgerechtigd volledig werkloos is of ermee gelijkgesteld;
  • voor een inwoner van het Waals gewest: een attest afgeleverd door FOREM of ONEM, met vermelding van de categorie werkloosheid, waaruit blijkt dat zij/hij uitkeringsgerechtigd volledig werkloos is of ermee gelijkgesteld;
  • voor een inwoner van het Brussels gewest: een attest afgeleverd door RVA/ONEM of actiris, met vermelding van de categorie werkloosheid, waaruit blijkt dat zij/hij uitkeringsgerechtigd volledig werkloos is of ermee gelijkgesteld.

6.2.2.3. Leefloners

Leerlingen kunnen hun recht op een leefloon enkel staven met de volgende attesten:

  • een attest afgeleverd door het OCMW of het CPAS (Brussel & Wallonië)
  • een attest ‘inkomensgarantie voor ouderen’ of rentebijslag

Andere attesten (bv. aanslagbiljet belastingen, loonfiche, pensioenfiche,…) aanvaardt de verificatie niet.

6.2.2.4. Personen met een handicap

Personen die erkend zijn als gehandicapte en een vergoeding van de Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid (FOD SZ) ontvangen, hebben recht op een verminderd tarief. Voor volwassenen zijn er drie types tegemoetkomingen:

De FOD SZ zorgt voor (elektronische) attesten “erkenning als genieter van een tegemoetkoming aan personen met een handicap”. De verificatie aanvaardt ook rekeninguittreksels waaruit een tegemoetkoming blijkt van de FOD SZ.

In de categorie jongeren wordt het verminderd tarief toegekend aan begunstigden van een verhoogde kinderbijslag met een erkenning van ten minste 66%. Omdat dat percentage overeen komt met minstens 4 punten op het criterium zelfredzaamheid, accepteert de verificatie attesten van de FOD SZ met vermelding van 4 punten op het criterium zelfredzaamheid.

Attesten van een kinderbijslagfonds of van Famifed (Federaal agentschap voor de kinderbijslag) zijn ook geldig indien ze duidelijk aangeven dat er een verhoogde kinderbijslag is omwille van een handicap van ten minste 66%.

Voor meer info raadpleegt u de website van de FOD sociale zekerheid over erkenning van een handicap.

6.2.2.5. Arbeidsongeschiktheid

P ersonen met een arbeidsongeschikt heid van ten minste 66% genieten vermindering van het inschrijvingsgeld. Voor deze categorie aanvaardt de verificatiedienst een attest van de mutualiteit als dit document een RIZIV-nummer vermeldt, een geldigheidsperiode en een graad van arbeidsongeschiktheid van ten minste 66%.

Attesten van de FOD Sociale Zekerheid met vermelding van ‘vermindering van het verdienvermogen tot één derde of minder van wat een valide persoon door een of ander beroep op de algemene arbeidsmarkt kan verdienen’ (gelijkwaardig aan een arbeidsongeschiktheid van ten minste 66%), zijn eveneens geldig.

6.2.2.6. Residenten in een gezinsvervangend tehuis of MPI

Bij leerlingen die in een instelling zoals een gezinsvervangend tehuis of een medisch-pedagogisch instituut (MPI) verblijven, volstaat een verklaring van de directie van deze instelling als attest voor een korting.

6.2.2.7. Politieke vluchtelingen

De federale instelling Commissariaat-Generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen(CGVS) reikt het attest uit dat het statuut van erkende vluchteling aantoont. Met zo’n attest kan de erkende vluchteling zich inschrijven in het register van de gemeente waar zij/hij verblijft. De gemeente zorgt dan ofwel voor een:

  • jaarlijks te hernieuwen bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister;
  • identiteitsbewijs voor vreemdelingen geldig voor vijf jaar.

Zowel het attest van het CGVS als de gemeentelijke documenten volstaan om een verminderd tarief te bekomen.

6.2.2.8. Volwassenen tussen 18 en 24 jaar

Volwassenen in de leeftijdsklasse 18 tot 24 jaar krijgen automatisch een verminderd tarief op basis van hun leeftijd. Een volwassen leerling heeft recht op het verminderd tarief zolang hij geen 25 jaar is op 31 december van het schooljaar waarvoor hij zich inschrijft. Een attest van het kinderbijslagfonds hoeft dus niet meer.

6.2.2.9. Vermindering voor jongeren van eenzelfde leefeenheid

Voorheen heette deze vorm van vermindering ‘gezinskorting’. Elke betaalde inschrijving van een lid van een leefeenheid geeft een jongere van diezelfde leefeenheid automatisch recht op verminderd tarief.

De definitie van leefeenheid is één of meer meerderjarigen, ongeacht hun geslacht, met eventueel een of meer minderjarigen die hun hoofdverblijfplaats hebben op hetzelfde adres, alsook één of meer minderjarige gehuwde, zelfstandige of alleenstaande leerlingen of studenten, ongeacht hun geslacht, met eventueel één of meer minder- en meerderjarigen die hun hoofdverblijfplaats hebben op hetzelfde adres.

De leden van een leefeenheid hoeven geen bloedverwanten te zijn. Omgekeerd behoren bloedverwanten niet automatisch tot dezelfde leefeenheid, bijvoorbeeld als ze niet op het zelfde adres wonen. De verificatie zal in sommige gevallen een document opvragen, afgeleverd door de gemeentelijke administratie. Dat document dient om na te gaan of betrokkenen op hetzelfde adres verblijven.

6.2.2.10. Vermindering voor jongeren in een bijkomende studierichting

Ook wel ‘hoeveelheidskorting’ genoemd. Jongeren die betaald hebben voor hun inschrijving in een bepaalde studierichting krijgen automatisch vermindering voor elke inschrijving in een bijkomende studierichting. Het inschrijvingsbewijs van de eerste inschrijving volstaat als attest.

6.2.2.11. Personen ten laste

Een leerling heeft recht op vermindering omwille van de werkloosheid, het recht op leefloon, de tegemoetkoming als gehandicapte of het statuut van politiek vluchteling van de persoon waarvan de leerling officieel ten laste is. Dit wordt gestaafd met een document uitgereikt door de gemeentelijke administratie.

6.2.2.12. Brusselse en Waalse attesten

Vooral instellingen in Brussel en langs de taalgrens krijgen te maken met reductie voor leerlingen uit de andere gewesten. Dat vormt meestal geen probleem omdat sommige bevoegde instellingen nationale instellingen zijn (bv. RVA) en omdat elke Vlaamse instelling een Brusselse en Waalse tegenhanger heeft.

6.2.2.13. Buitenlandse attesten

In de praktijk komen buitenlandse leerlingen vooral uit Nederland. Ook deze leerlingen hebben in bepaalde gevallen recht op vermindering. Uiteraard zijn er eigen Nederlandse documenten en uitreikende instellingen, maar in het merendeel van de gevallen kan de verificateur Nederlandse bewijsstukken goed beoordelen naar analogie met Vlaamse documenten.

Account